CT

Nieuws

Nieuws uit Nederland en de wereld

Terug naar laatste nieuws

Opiniestuk · Binnenland

Een vlag voor iedereen

Na de bekladding van een regenboogzebrapad in Alkmaar vraagt dit stuk waarom symbolen zo diep raken, en wat de regenboog voor christenen betekent.

Een vlag voor iedereen

Foto: Rob Maxwell via Unsplash

„Pijnlijk.” Zo reageerde Discriminatie.nl op de bekladding van een nieuw regenboogzebrapad aan de Kennemerstraatweg in Alkmaar. Iemand had het pad met zwarte verf beklad met de woorden „Niet Forceren”. De gemeente liet de verf verwijderen en deed aangifte wegens vernieling. Volgens klachtbehandelaar Madjori Veldema was het juist belangrijk dat het pad laat zien dat iedereen er mag zijn.

Maar waarom kan iets ogenschijnlijk eenvoudigs als een paar strepen verf zulke sterke emoties oproepen?

Je loopt door een stad en ziet een zebrapad. Niets bijzonders, zou je denken. Beton, verf, een paar gekleurde strepen. Morgen rijdt er weer verkeer overheen en over een paar jaar is de verf misschien vervaagd.

Voor iemand anders is het helemaal geen gewoon zebrapad.

Het is een teken.

Een teken dat zegt: ik mag hier zijn. Ik hoef mij niet te verbergen. Ik mag zichtbaar zijn zoals ik ben.

Daarom kan zo’n simpel stukje straat onverwacht veel betekenen.

Totdat iemand er ’s nachts met zwarte verf overheen gaat.

De volgende ochtend komen mensen voorbij. Sommigen halen hun schouders op.

Het is maar verf.

Maar voor degene die in die kleuren iets van zichzelf herkent, voelt het anders.

Het kan voelen als een klap in het gezicht. Als minachting voor iets wat juist bedoeld was als erkenning. Woede. Verdriet. Gekwetstheid. Machteloosheid. Misschien zelfs angst.

Niet omdat er een paar strepen verf zijn verdwenen, maar omdat het symbool waaraan zoveel betekenis is gegeven, bewust lijkt te zijn aangetast.

En precies daarin zit de kracht van een symbool.

Het is nooit alleen wat je ziet.

Een vlag is maar stof. Een bankje is maar hout. Een zebrapad is maar verf op asfalt.

Totdat mensen er hun geschiedenis, hun overtuigingen, hun pijn, hun hoop en hun identiteit aan verbinden.

Dan verandert het voorwerp. Niet letterlijk — maar in het hoofd en het hart van degene die er betekenis aan geeft.

Daarom kan iemand huilen wanneer een vlag wordt verbrand. Daarom kan iemand woedend worden wanneer een monument wordt vernield. En daarom kan iemand diep geraakt worden wanneer een regenboogzebrapad wordt beklad.

Wie alleen het voorwerp ziet, begrijpt die reactie misschien niet.

Wie het symbool ziet, begrijpt dat er iets anders wordt geraakt.

Want uiteindelijk gaat het bij een symbool nooit alleen om de verf, de stof of het hout.

Het gaat om wat mensen geloven dat erachter staat.

En misschien is dat wel de belangrijkste les van zo’n onschuldig stukje straat:

Een symbool krijgt zijn kracht niet doordat het bijzonder materiaal is, maar doordat mensen er iets bijzonders in herkennen.

Hou deze gedachte vast en bedenk wat de regenboog voor christenen betekent.

De regenboog is van God

Al ongeveer 4.400 jaar staat de regenboog volgens de Bijbel als teken van Gods verbond met de aarde.

Er zijn weinig natuurverschijnselen die zo tot de verbeelding spreken als een regenboog. Hij verschijnt vaak wanneer de donkere wolken nog aan de hemel staan en de regen zojuist is gevallen.

Voor een gelovige is dat meer dan schoonheid alleen.

Want wie de betekenis van de regenboog uit Genesis werkelijk tot zich laat doordringen, moet eerst terugkijken naar wat eraan voorafging.

Naar de zondvloed.

De Bijbel beschrijft een wereld waarin het kwaad zich had vermenigvuldigd en het geweld de aarde had gevuld. God zag de verdorvenheid van de mens en besloot een oordeel te brengen over de wereld.

En dat oordeel was niet symbolisch.

Het water kwam.

Dag na dag steeg het.

Rivieren traden buiten hun oevers. Laaggelegen land verdween onder het water. Huizen, akkers en dierenverblijven werden opgeslokt. Mensen die buiten de ark waren achtergebleven, zagen het water steeds hoger komen. Wat eerst misschien nog een dreigende regenbui leek, veranderde in een ramp waarvoor nergens meer een schuilplaats was.

Wie naar hoger gelegen grond vluchtte, werd uiteindelijk ook ingehaald.

Families werden uit elkaar gerukt. Mensen klampten zich vast aan bomen, rotsen en alles wat boven het water uitstak. Dieren die niet in de ark waren, hadden evenmin een uitweg.

En het water bleef stijgen.

De Bijbelse beschrijving laat uiteindelijk geen uitzondering over buiten de ark:

alles wat op het droge leefde en levensadem in zijn neus had, stierf.

Dat betekent dat het verhaal, als je het letterlijk leest, spreekt over de vernietiging van vrijwel de gehele menselijke bevolking van die wereld en van de landdieren die buiten de ark waren.

En dan komt misschien wel een van de meest aangrijpende momenten.

Het water trekt zich terug.

De ark rust op de bergen.

Noach opent uiteindelijk de deur.

En wat treft hem?

Geen stad.

Geen dorp.

Geen mensenmassa.

Geen kuddes dieren die over de velden lopen.

De wereld die hij kende is verdwenen.

Hij en zijn gezin zijn overgebleven.

Daarbuiten is een wereld die door het water is schoongeveegd.

Je kunt je nauwelijks voorstellen hoe stil het daar geweest moet zijn.

En juist daar, na zo’n vernietigend oordeel, begint een nieuw hoofdstuk.

God sluit een verbond.

Niet alleen met Noach.

Niet alleen met zijn gezin.

Maar met zijn nakomelingen en zelfs met de levende schepselen en de aarde zelf.

En dan verschijnt het teken.

De regenboog.

God zegt:

„Mijn boog heb Ik in de wolken gegeven.”

Dat is een buitengewoon krachtig moment.

De regenboog verschijnt niet vóór de storm.

Hij verschijnt erna.

Niet boven een wereld die nooit pijn heeft gekend, maar boven een wereld die zojuist door een ongekend oordeel is gegaan.

Daarom is de regenboog in Genesis niet zomaar een mooi natuurverschijnsel.

Het is een teken van een belofte die juist betekenis krijgt omdat er een oordeel aan voorafging.

De boodschap is:

Dit zal Ik niet opnieuw doen door een vloed over de aarde te brengen.

En er zit nog iets bijzonders in het Hebreeuwse beeld. Het woord voor „boog” is hetzelfde woord dat ook voor een oorlogsboog wordt gebruikt.

Een boog is normaal gesproken een wapen.

Maar hier hangt de boog in de hemel.

Alsof het wapen wordt neergelegd.

Alsof God zegt:

Het oordeel is voorbij. Ik heb gesproken. Ik sluit een verbond.

En dan staat er iets dat misschien nog indrukwekkender is.

God zegt dat wanneer Hij de boog ziet, Hij Zijn verbond zal gedenken.

Dat betekent niet dat God iets vergeten was en zich vervolgens door de regenboog iets herinnerde. In de Bijbel betekent „gedenken” vaak dat God zich Zijn belofte voorneemt en ernaar handelt.

De regenboog is dus een zichtbaar teken van Gods trouw.

God houdt Zijn woord.

Dat is misschien de reden waarom een gelovige anders naar een regenboog kan kijken.

Je ziet niet alleen kleuren.

Je ziet een herinnering.

Aan een wereld die ten onder ging.

Aan mensen en dieren die stierven.

Aan een gezin dat in een houten ark werd gered.

Aan een God die volgens het Bijbelse verhaal zowel rechter als verbondsgod is.

En dan gebeurt er iets wonderlijks.

De regenboog wordt zichtbaar juist wanneer de zon door de wolken breekt.

Alsof het licht zelf door de duisternis heen komt.

De storm is echt geweest.

Het oordeel is echt geweest.

Het verlies is echt geweest.

Maar het oordeel is niet het laatste woord.

De belofte is het laatste woord.

En de Bijbel laat de regenboog daar niet eindigen.

Eeuwen later kijkt Johannes in Openbaring opnieuw naar de hemel.

Hij ziet een troon.

En rond die troon ziet hij opnieuw een regenboog.

Daarmee ontstaat een indrukwekkende lijn door de Bijbel.

In Genesis staat de regenboog boven een aarde die zojuist door het water is geoordeeld.

In Openbaring staat de regenboog rond de troon van God.

Van het begin tot het einde blijft hetzelfde beeld terugkomen.

Voor een christen is een regenboog daarom veel meer dan een prachtig natuurverschijnsel. Het is een teken dat volgens de Bijbel door God Zelf is gegeven. Wanneer een gelovige hem ziet, kijkt hij als het ware naar een teken van de Almachtige: een zichtbaar herinnering aan een onzichtbare God en aan een belofte die Hij Zelf heeft uitgesproken.

Het is alsof de hemel even zegt:

„Ik ben hier. Ik heb gesproken. Ik ben Mijn verbond niet vergeten.”

Daarom kan het zien van een regenboog bij een christen gevoelens oproepen van ontzag, dankbaarheid en troost. Niet omdat de regenboog op zichzelf goddelijk is, maar omdat God hem volgens de Bijbel als Zijn teken heeft gegeven.

Voor een niet-gelovige is het een natuurverschijnsel. Voor een christen kan het voelen alsof hij even naar een handtekening van de Almachtige aan de hemel kijkt.

Voor een christen kan het daarom diep pijnlijk zijn om te zien wat er met de regenboog is gebeurd.

Want dit is voor hem niet zomaar een kleurrijk symbool.

Dit is Gods teken.

Een teken dat volgens de Bijbel door de Almachtige Zelf aan de hemel werd geplaatst, na een oordeel waarbij de wereld buiten de ark ten onder ging. Een teken van Zijn verbond met de mens en met de aarde. Een teken dat al duizenden jaren oud is.

En juist dát teken is in onze tijd zo sterk verbonden geraakt met de LGBTQ-beweging.

Daar kan bij een gelovige meer ontstaan dan alleen irritatie.

Het kan voelen als heiligschennis.

Alsof iets wat voor hem naar God wijst, naar de hemel wijst, naar Zijn trouw en Zijn verbond verwijst, door mensen uit zijn religieuze betekenis is getrokken en een nieuwe betekenis heeft gekregen.

Hij ziet geen gewone vlag.

Hij ziet de handtekening van de Almachtige aan de hemel.

Hij ziet Noach.

Hij ziet de donkere wolken.

Hij ziet het water.

Hij ziet de dood en vernietiging die volgens het Bijbelse verhaal aan het verbond voorafgingen.

En daarna ziet hij die boog.

Niet als symbool van menselijke identiteit.

Niet als verklaring van wat de mens zelf bepaalt.

Maar als een boodschap van God:

„Ik heb gesproken. Ik heb beloofd. Ik zal Mijn verbond niet vergeten.”

En dan kan het pijnlijk zijn wanneer juist dát beeld tegenwoordig bijna automatisch een andere betekenis oproept.

Alsof iemand een brief van je vader heeft genomen, de woorden heeft uitgewist en er zijn eigen boodschap op heeft geschreven.

De kleuren zijn hetzelfde. Maar voor de gelovige is de betekenis niet hetzelfde.

Daarom kan de woede van een christen hierover zo diep zitten. Het gaat voor hem uiteindelijk niet over kleuren, vlaggen of een stukje stof.

Het gaat over iets wat hij als heilig beschouwt.

Over een teken waarvan hij gelooft dat het niet door mensen is bedacht, maar door God Zelf is gegeven.

En misschien is de diepste pijn wel deze:

Dat wanneer hij tegenwoordig een regenboog ziet, een teken dat ooit zijn hart naar God liet opkijken, hij eerst moet uitleggen waarom het voor hem iets anders betekent.

Hij ziet het als iets wat wordt afgepakt, gekaapt.

Hij wil het terugzien als wat het voor hem altijd is geweest:

een teken van de Almachtige.

Een teken van oordeel én genade.

Van vernietiging én behoud.

Van een wereld die ten onder ging en een mensheid die opnieuw mocht beginnen.

Van een God die Zijn woord geeft en het vervolgens niet vergeet.

Een verbond dat niet door mensen is geschreven, maar door God Zelf is gegeven.

De regenboogvlag

Hoe het begon

Voordat de vlag bestond was de roze driehoek het meest gebruikte symbool. Die kwam echter uit de nazi-concentratiekampen, waar homoseksuele gevangenen hem moesten dragen. De gemeenschap wilde iets positiefs en eigens.

Harvey Milk (de eerste openlijk homoseksuele gekozen politicus in Californië) vroeg kunstenaar, activist en dragqueen Gilbert Baker om een nieuw symbool te ontwerpen voor de San Francisco Gay Freedom Day Parade. Baker zag een vlag als het sterkste teken van trots en identiteit. Hij raakte geïnspireerd door de Amerikaanse vlaggen die overal hingen tijdens de viering van 200 jaar Amerikaanse onafhankelijkheid in 1976, en door de natuurlijke schoonheid van een regenboog.

Samen met ongeveer 30 vrijwilligers verfde en naaide hij met de hand de eerste twee grote vlaggen (elk circa 9 bij 18 meter) op de zolder van het Gay Community Center. Op 25 juni 1978 wapperden ze voor het eerst in de United Nations Plaza in San Francisco.

De originele kleuren

De eerste vlag had acht strepen, elk met een eigen betekenis:

  • Felroze – seks
  • Rood – leven
  • Oranje – genezing
  • Geel – zonlicht
  • Groen – natuur
  • Turkoois – magie/kunst
  • Indigo/blauw – harmonie/sereniteit
  • Paars/violet – geest/spirit

Waarom er nu zes kleuren zijn

Door de grote vraag (vooral na de moord op Harvey Milk later in 1978) werd massaproductie nodig. Felroze stof was te duur en moeilijk te krijgen, en voor industriële productie was een even aantal kleuren handiger. Daarom verdwenen roze en turkoois, en ontstond de bekende zeskleurige versie (rood-oranje-geel-groen-blauw-paars) die we nu overal zien.

Baker weigerde de vlag te patenteren: hij wilde dat hij van iedereen in de gemeenschap was. Sindsdien is de vlag uitgegroeid tot een wereldwijd herkenbaar symbool van trots, diversiteit en solidariteit. Er bestaan ondertussen ook veel varianten (zoals de Progress Pride-vlag) die extra groepen zichtbaar maken.

Wat Baker zelf over de regenboog zei

In zijn publieke uitspraken over de vlag benadrukte hij steeds het positieve en universele karakter:

  • Het is een natuurlijk, mooi teken van hoop.
  • Het staat in de Bijbel als een verbond van God met alle levende wezens.
  • Het was bedoeld als iets eigens en trots, als tegenhanger van de roze driehoek.

Hij presenteerde het nooit openlijk als een bewuste belediging van christenen of als een “diefstal” van hun heilige symbool. In die zin was hij niet naïef over het bestaan van religieuze oppositie — hij leefde er middenin — maar hij koos ervoor de bijbelse betekenis her te interpreteren als inclusief en hoopvol, in plaats van het als aanval te framen.

Maar wie was hij?

Zijn bredere activistische stijl: tegelijk was Baker geen zachtaardige, apolitieke kunstenaar. Hij was een scherpe, provocerende activist die:

  • Meedeed met de Sisters of Perpetual Indulgence (een groep die katholieke nonnen imiteerde en religieuze symbolen gebruikte om te choqueren en te protesteren).
  • Zich in 1990 als “Pink Jesus” verkleedde (roze bodypaint, doornenkroon, roze kruis) bij protesten tegen christelijke fundamentalisten en tegen senator Jesse Helms.
  • Protestbanieren maakte zoals “Republican Hate Kills” (na de Pulse-nachtclubmoord) en anti-Trump-spandoeken.

Dat soort acties was duidelijk bedoeld om conservatieve (vaak christelijke) tegenstanders te irriteren en uit te dagen. Sommige bronnen schrijven hem de uitspraak toe: “I’m all about working every last nerve of the Church” (“Ik ben erop uit om elke zenuw van de Kerk te raken”). Of die exacte quote van hem is, is niet altijd hard te verifiëren, maar de geest van zijn latere acties past wel bij een provocateur.

Was de regenboogvlag dan een “dikke middelvinger”?

Ja, of op zijn minst een bewuste toe-eigening van iets heiligs, gedaan door iemand die verder geen respect toonde voor hun geloof. Gezien zijn andere provocaties (Pink Jesus, Sisters, etc.) kan je de vlag zien als onderdeel van een bredere strijd tegen de traditionele christelijke moraal.

  • Baker was zich bewust van de spanning, en koos bewust voor een strategie van herclaiming en pure confrontatie. Hij wilde iets moois en eigens maken, terwijl hij tegelijkertijd politiek en cultureel de strijd aanging met de krachten die hij als onderdrukkend zag (inclusief delen van de christelijke rechterzijde).

Kortom: het was geen pure naïviteit, het was een openlijke “middelvinger”. Het paste in het repertoire van een activist die religieuze en politieke tegenstanders graag uitdaagde. Of je dat hypocriet, slim, respectloos of legitiem vindt, hangt af van of je zijn herinterpretatie van het bijbelse symbool accepteert of ziet als een doelbewuste omkering.